30 jaar VSM
een terugblik

Bron: 30 jaar VSM – een terugblik – Tekst: Jos Uiterwijk,  Roel Wiche, Ronald Nelissen © 1998

De beginjaren van VSM, een jonge en ambitieuze vereniging. De historie van VSM is nog slechts kort, maar niettemin gelardeerd met opmerkelijke feiten, tumultueuze gebeurtenissen, glorieuze kampioenschappen, pijnlijke degradaties, leuke anekdotes en zeker ook mooie partijen We doken in het archief en distilleerden uit de talloze nummers van ons clubblad En Passant een historisch overzicht van de jubilaris.

‘Met kunst-, vlieg- en nachtwerk is dit eerste nummer ontstaan. Het draagt er ook onmiskenbare sporen van. Maar, naar men mij vertelde, ziet elk pasgeboren kindje er beetje vormeloos uit. Het gekke is echte€r dat de vader er toch nog ontzettend trots op is. Want in dit geval zijn de weeën hem niet bespaard gebleven.’

Met deze originele woorden opende MSV-voorzitter C. Woestenburg in 1967 het eerste nummer van ons onvolprezen clubblad En Passant. MSV ?, zult u zich ongetwijfeld afvragen. Jazeker, want En Passant zag al het licht, nog voordat VSM in het leven was geroepen. MSV, de oudste club van Limburg schaakte toen nog in het hart van Maastricht, in hotel Dominicain op de hoek van het Vrijthof en de Helmstraat. Rond de veertig schakers kruisten daar elke dinsdagavond de degens op de 64 velden. Ook extern was de vereniging actief. Drie teams (toen nog met tien spelers) deden mee aan de LiSB-competitie. Het vlaggeschip speelde destijds in de toenmalige overgangsklasse, de andere twee teams in de 1e en 2e klasse Zuid.

Het eerste nummer van En Passant, er dan volgens praeses Woestenburg een beetje ‘vormeloos’ uitzien, het bood de lezer wel een hoop nuttige informatie. Behalve een voorwoord van zowel de voorzitter van de KNSB als de eerste man van de Limburgse schaakbond, besteedt bestuurslid Fred Engelhard uitgebreid aandacht aan het reilen en zeilen van de club, die toen zo’n tachtig leden telde. Engelhard voorspelt onder meer dat MSV ‘tot de schaakreuzen van Nederland gaat behoren’, maar benadrukt tevens ‘dat er nog veel méér moet gebeuren, om van MSV de meest ideale vereniging van Nederland te maken’.

En Engelhard houdt woord. In nummer 4 van de eerste jaargang van En Passant, die in februari 1968 het licht zag, kondigt hij ‘groot nieuws’ aan ‘voor de gehele Nederlandse schaakwereld’. Engelhard doelt op de oprichting van het Gewestelijk Schaakgenootschap Maastricht, een overkoepelend orgaan dat alle schaak-verenigingen in Maastricht en omgeving onder één paraplu moet brengen. En dat zijn er nogal wat. Behalve MSV kunnen schakers terecht bij de PLEM-club, de KNP-club, het Vrolijke Paardje, Gronsveld, Eijsden en een jeugdafdeling. Samen goed voor ruim 150 schakers!

Het oprichtingsfeest liegt er niet om. Niemand minder dan Victor ‘de Verschrikkelijke’ Kortchnoi, enkele dagen eerder glorieus winnaar van het Hoogoven-toernooi, geeft een simultaan. Ook Nederlands kampioen Hans Ree komt tijdens het drukbezochte vijfdaagse (!) schaakfestijn zijn krachten meten met de VSM-ers. Beide topspelers scoren nagenoeg honderd procent.

Het kersverse bestuur besluit al vlug na de oprichting de naam van de nieuwbakken vereniging om te dopen tot Verenigd Schaakgenootschap Maastricht. De club telt bij de oprichting 130 leden en is daarmee op Rotterdam en Bussum na de grootste vereniging van het land. Na een half jaar zijn echter ook deze twee illustere clubs gepasseerd en mag VSM zich met 144 leden de grootste vereniging noemen.

De bomen lijken tot in de hemel te groeien voor de Maastrichtse schakers. Een beetje fanatiek speler kan liefst zes dagen in de weken schaken bij een van de clubjes onder de VSM-koepel! De grootte van de club begint al snel ook in het wedstrijdwezen zijn vruchten af te werpen. Een Maastrichts jeugdteam wordt kampioen van Zuid-Nederland en VSM-teams scoren hoog in toernooien in Brussel en Keulen.

Maar de hoogtijdagen duren slechts kort. De ledenvergadering van MSV, niet gelukkig met de gang van zaken, be€sluit tijdens een tumultueuze bijeenkomst in september 1969 uit VSM te stappen. Een aantal MSV-ers, waaronder de complete jeugdafdeling, is het daar niet mee eens en stapt alsnog over naar VSM. De breuk is niet meer te lijmen. Tot grote spijt van het VSM-bestuur: ‘We zitten nu te kijken met een gesplitst Maastrichts schaakleven. Enerzijds is er de Maastrichtse Schaakvereniging (MSV) waarvan de gemiddelde leeftijd der leden zeer hoog ligt, anderzijds is er ‘ons’ Verenigd Schaakgenootschap Maastricht (VSM) dat, zoals in het verleden, een dynamische, moderne vereniging met vele activiteiten zal blijven’, schrijft het bestuur in En Passant.

Het blijft echter niet bij het opstappen van MSV. Ook de KNP-club en het Vrolijke Paardje, die bij nader inzien hun zelfstandigheid toch maar niet wilden inleveren, geven er de brui aan. Even hangt het bestaan van VSM aan een zijden draadje maar de overgebleven clubs, de schaaksoos, jeugdafdeling, en de PLEM-schakers, redden de vereniging. De club krabbelt langzaam weer op en de nodige verenigingsactiviteiten worden op touw gezet. Behalve de interne competitie kunnen leden zich uitleven tijdens originele toernooitjes, zoals een ‘zelfmoord-schaakavond’, een ‘monsterschaakavond’, groots opgezette simultaanseances en snelschaakwedstrijden. Tevens worden er lezingen gehouden over diverse openingen.

En ook de successen komen terug. Elbert Fliek wordt in 1970 niet alleen jeugdkampioen van Limburg, maar behaalt tevens een verdienstelijke vijfde plek in de strijd om de Nederlandse titel. Nog mooier was dat hij tijdens het nationale kampioenschap de schoonheidsprijs in de wacht sleepte.

In 1971 telt VSM alweer meer dan zeventig leden, waarmee de club na Venlo de grootste van Limburg is. Het ledenaantal wordt overigens niet weerspiegelt door En Passant dat aan zijn vierde jaargang toe is. Het clubblad wordt immers in een oplage van liefst duizend exemplaren verspreid!

vsm02
Het kampioensteam van 1971/1972
vsm04
Het kampioensteam van 1974/1975

In een van die nummers is te lezen hoe VSM-I in het voorjaar van 1972 glorieus kampioen wordt van de eerste klasse. Na een nek-aan-nek race met het tweede team van Brunssum pakt VSM de titel. Om het kampioenschap te veroveren moest VSM in de slotwedstrijd tegen uitgerekend aartsrivaal MSV-II bijna het schier onmogelijke verrichten. Winst met minimaal 6½-1½ was noodzakelijk. Het werd uiteindelijk 7-1. Bekende namen destijds in het basisteam: uiteraard Fred Engelhard zelf (100% score extern), Majo Nelissen (later veelvoudig clubkampioen), Frans Neus (hardnekkig Neuss geschreven) en ‘drs.’ Maarten van Gils.

Een jaar later zet de zegetocht zich voort. VSM wordt wederom kampioen en mag zich inschrijven in de KNSB-competitie. Gemiddelde leeftijd van het winnende team: 21 jaar!

Het debuut in de landelijke competitie mag er ook zijn. De eerste wedstrijd tegen Eindhoven wordt weliswaar desastreus verloren, de vijf daaropvolgende matches eindigen in klinkende overwinningen. VSM doet lang mee voor de titel, maar eindigt uiteindelijk op de derde plaats.

De opgang van VSM blijkt echter onstuitbaar. In het seizoen 74/75 slaagt het eerste team erin om een huzarenstukje te voltooien. Het tiental promoveert naar de eerste klasse KNSB. een historische promotie, want nog nooit wist een Limburgse club tot deze klasse door te dringen. De namen van de spelers die schakend Maastricht op de landelijke kaart zetten, doen ongetwijfeld nog steeds een belletje rinkelen: Engelhard, Fliek, Van Herck, De Hert, Knipschild, Mostert, Nelissen (7½ uit 9!), Neus, Partouns, v/d Steen, Veugen, Wolfs en Boey (zie afbeelding). Nog meer cachet krijgt deze prestatie als men bedenkt dat het tweede team (o.a. Rikers, Knubben, Vaessen) en het derde team in datzelfde jaar kampioen worden. Met recht een glorieus VSM-jaar!

In de tachtiger jaren werd het fundament gelegd voor de hechte vereniging die VSM nu is. Deze jaren (als alle andere) zagen natuurlijk ups and downs.

De ‘roerige’ jaren ’80

Een wens van het toenmalige bestuur was om alle verenigingsactiviteiten in één clublokaal te centraliseren, aangezien de jaren ervoor deze versnipperd waren over verschillende clublokalen (Heliport, van Sloun en Sportbal de Heeg). Met het BAM-gebouw gelegen aan de Brusselsestraat 89 ging deze wens van het bestuur in 1982 in vervulling. VSM nam in 1982 deel met 6 teams aan het ‘suikertoernooi’ te Tienen. Het eerste team (met Heikki Westerinen) wist beslag te leggen op de eerste plaats in de klasse Excellence, voor Anderlecht en Paul Keres uit Utrecht. Theresa Berden en Edsgar Jager leverden bijzondere prestatie door respectievelijk Limburgs kampioene bij de dames en Limburgs jeugdkampioen t/m 16 jaar te worden.

Dieptepunt van 1983 was de degradatie naar de LiSB van het eerste team uit de 2e klasse KNSB. Wel verdedigde de formatie met succes de in 1982 veroverde beker te Tienen. Bij aankomst leverde Frans Neus de beker in bij de toernooiorganisatie met de woorden ‘dat hij de beker in verzekerde bewaring stelde en hij de beker weer graag terug wilde zien’. Het eerste team wist met één punt voorsprong op het Belgische MSV de beker weer mee te nemen. Frans had dus geen woord te veel gezegd.

Het was ook het eerste jaar van de nu inmiddels legendarische schaaknacht. Deze werd gewonnen door de Belg De Nijs. Voor de 2e achtereenvolgende maal werd de jeugdcategorie t/m 16 jaar gewonnen door een VSM-lid. Was het verleden jaar Edsgar Jager die de titel voor zich opeiste, ditmaal was het de 14-jarige Danny van Drongelen. Met 6 punten liet hij Marcel Beulen uit Roermond 1½ punt achter zich. Een van de talentvolste jeugdleden ooit van VSM Alfonso Gallardo wist medeclublid en grootmeester Heikki Westerinen te verslaan.

1984 werd een prima jaar met drie teams kampioen! VSM-I in de promotieklasse, VSM-II in de 1e klasse LiSB en VSM-III in de 2e klasse A LiSB werden kampioen. De 2e schaaknacht van VSM werd gewonnen door de Finse grootmeester Heikki Westerinen. Heikki was na de 8e ronde al zeker van de winst. Heel even zag het ernaar uit dat Ben Poelstra en Ger Hahn voor een verrassing konden zorgen, maar in beide partijen werden ze resoluut door Heikki teruggewezen.

In 1985 werd Natasja Paulssen Limburgs jeugdkampioene in de categorie t/m 20 jaar. Na de promotie van de eerste drie teams in het vorige seizoen, waren de verwachtingen hoog ge€spannen. Helaas bleek met name voor het tweede team de overgang naar de promotieklasse te moeilijk en degradatie volgde. VSM-I handhaafde zich met een 7e plaats vrij gemakkelijk in de 2e klasse D van de KNSB. VSM-III had de pech dat het in de 1e klasse LiSB na een goed begin enige malen met meerdere invallers moest spelen. Desondanks kan men met een 4e plaats tevreden zijn.

In 1986 vormde onenigheid tussen het bestuur enerzijds en jeugdleider met anderzijds de aanleiding tot een breuk bij onze zustervereniging MSV. Het gevolg hiervan was dat de jeugd van MSV naar VSM verhuisde en zodoende de jeugdafdeling met een 30-tal spelers uitgebreid werd. De teams van VSM deden het in de externe competitie zeer goed. Met name de prestatie van het eerste team (2e in de 2e klasse D KNSB) en het tweede (kampioen in de 1e klasse A LiSB) mogen er zijn.

Fred Engelhard werd in 1987 benoemd tot het eerste en tot op heden enige erelid van VSM. Na zijn benoeming vertelde hij dat bij het opstellen van de statuten is besloten dat ereleden geen contributie hoeven te betalen. Destijds is verzuimd hier aan toe te voegen dat ereleden wel af en toe een rondje moeten aanbieden en hij zette meteen zijn woorden in daden om door de aanwezigen bij de vergaderingen een rondje aan te bieden.

Het jaar 1988 kende als dieptepunt de degradatie van het eerste team uit de 3e klasse KNSB. Het derde team degradeerde uit de 1e klasse LiSB. Ter ere van het twintigjarig jubileum werd er een simultaan georganiseerd met Rudy Douven en Jeroen Piket. In zowel 1989 als 1990 was het eerste team van VSM de grote favoriet om kampioen te worden in de promotieklasse van de LISB. Echter beide jaren lukte dat net niet.

vsm106
Heikki Westerinen in actie bij VSM
FOTO4
Voorzitter Maarten van Gils

VSM in de jaren ’90


Een jeugdteam van VSM speelde in 1990 voor het Nederlandse club-kampioenschap in de categorie t/m 20 jaar. Nederlagen waren er thuis tegen BSG (1-3) en tegen Caissa Amsterdam (1½-2½), de laatste wedstrijd uit tegen Philidor Leiden werd gelijkgespeeld met 2-2. Topscoorder werd Ronald Nelissen met 2½ uit 3.

In 1991 verhuisde VSM naar een nieuw clublokaal, namelijk het Denksportcentrum Maastricht (DCM) gelegen aan de Franciscus Romanusweg 60 (voormalig Sportfondsenbad Wyck). Een goede prestatie leverde het eerste team door te promoveren naar de 3e klasse KNSB.

In 1997 werd de oversteek opnieuw gemaakt, maar nu in omgekeerde richting: naar het buurthuis van Sint-Pieter aan de Pastoor Kribsweg 14. Maandag bleef de vaste speelavond (zowel voor junioren als senioren); daarnaast worden op een aantal zaterdagen en zondagen de externe competitiewedstrijden afgewerkt. In 2000 werd er opnieuw verhuisd, nu naar de bovenzaal van café ‘Aux Arcades’ aan de Sint-Annalaan 11. Helaas betekende een en ander dat we niet aan de maandagavond konden vasthouden, en dat de woensdagavond onze nieuwe vaste speelavond werd, zowel voor de jeugd als de senioren.

Bron: 30 jaar VSM – een terugblik – Tekst: Jos Uiterwijk,  Roel Wiche, Ronald Nelissen © 1998